nteractiviteit wordt gezien als de toekomst van de film. De ontwikkelaars van de nieuwe mogelijkheden zijn vast van mening dat kijkers er genoeg van hebben om overgeleverd te zijn aan de hersenspinsels van scriptschrijvers en manipulatie door regisseurs. Kijkers willen zelf meedoen. In elke bespreking van de toekomst van de cinema is het nuttig om stil te staan bij de ideeën van Peter Greenaway, de man die ooit de uitspraak deed: “Cinema is mainly a boring, conventional, dying art, and three cheers for that”.Greenaway werd oorspronkelijk opgeleid als schilder en het is zijn beeldgerichtheid die zijn ideeën over de toekomst van de film grotendeels beïnvloedt: “De afgelopen honderd jaar is cinema een uiting van ‘geïllustreerde tekst’ geweest. Ik denk dat wanneer een idee ontstaat vanuit woorden, de beste manier om dat te communiceren weer via woorden is. Ik ben me ervan bewust dat, of je nou Spielberg of Godard heet, je eerst een tekst moet hebben voordat je een beeld kunt creëren… sinds D.W. Griffith is dat de manier waarop we films maken”.Het is deze conventie, die hij het ‘Casablanca-syndroom’ noemt, waar Greenaway vanaf wil. “Cinema is een veel te rijk medium om alleen maar door verhalenvertellers gebruikt te worden”. Greenaway’s bezwaren blijven niet beperkt tot tekst: “Film moet het publiek prikkelen. Het moet provoceren, anders krijgen we een ontzettend saaie, oppervlakkige, repetitieve, formule-achtige cinema. Een van de grote problemen die ik met het hedendaagse film heb is de manier waarop de regisseur controle heeft over het time frame. Het publiek krijgt zijn informatie alleen maar via die ene manier die de regisseur bereid is te geven… kijkers wordt gevraagd een negentiende-eeuws literatuurconcept te accepteren met een begin, midden en einde, terwijl ze passief in het donker allemaal dezelfde kant op staren, en een regisseur die alle touwtjes in handen heeft. Ik denk dat daar de toekomst van de cinema niet ligt”.Waar ligt hij dan wel? Greenaway komt zelf met een antwoord, een ferm postmodernistisch standpunt: zijn Tulse Luper’s Suitcase wordt een multimediaproject waarin een koffer met verhalen centraal staat. Een aantal van die verhalen nemen de vorm van een film aan, andere zullen als interactieve cd-rom te krijgen zijn en de rest is toegankelijk via internet, waar mensen aan het verloop ervan kunnen bijdragen.Greenaway gelooft heilig in een democratisch model, waarin de keuzes uit bijvoorbeeld de verschillende camerastandpunten voor een scene bij de kijker liggen. Die keuzes liggen nu bij de regisseur, die de enige is met toegang tot al het opgenomen materiaal en dat door middel van montage tot een vaste verhaalvorm kan omsmeden.Het klinkt allemaal aannemelijk. Er zijn nogal wat experts die geloven dat de toekomst van de film bij interactiviteit ligt. Volgens hen is de explosieve groei van de digitale spelletjesmarkt daarvan het duidelijkste bewijs. Hier ziet men echter één ding over het hoofd: films en spelletjes zijn twee verschillende dingen. Dat er steeds meer ontwikkeling in de richting gaan van een synthese van die twee, wil niet zeggen dat de film op het punt staat uit te sterven of dat iedereen staat te springen om voortaan alleen maar interactief bezig te zijn.Film is een vorm van verhalen vertellen. Of je je verhaaltje vertelt in een grot rond een open vuur of in een bioscoop op een groot scherm, de constante is altijd geweest dat er twee partijen zijn: verteller en luisteraar(s). De luisteraar heeft nooit de neiging gevoeld de verteller halverwege te onderbreken om er zijn verhaal van te maken. Er is nu de mogelijkheid om in te grijpen in verhalen, maar tegelijkertijd blijft de “oude” manier van vertellen nog volop in stand. Peter Greenaway’s observatie over de nadelen van film zijn vaak treffend, maar het publiek heeft ze geaccepteerd en ziet ze niet als nadeel. De belevenis van het grote doek leeft nog steeds, getuige de heruitgave van de Star Wars-serie. Bij de marketingcampagne hierom heen speelde de zin ‘terug op het grote doek’ een prominente rol. Voor velen geldt dat ze de drie films alleen op video of tv hebben gezien. Voor deze groep is het zien van de films op het bioscoopscherm een belevenis.Terugkijkend op de geschiedenis van de massamedia blijkt keer op keer dat een verbetering op een oud medium niet automatisch betekent dat het oude medium daardoor verdwijnt. De radio betekende niet de doodssteek voor de krant, de televisie was niet de doodssteek voor de radio en de videorecorder werd niet de doodssteek voor de bioscoopfilm.Een andere barriere is de relatieve obscuriteit van de ‘nieuwe media’. De oude media stonden voor cultuuruitingen die de meeste mensen begrijpen, terwijl het lijkt alsof iedereen die werkzaam is op het gebied van die nieuwe media zijn uiterste best doet om voor de buitenstaander alles zo onbegrijpelijk mogelijk te maken. Dat niemand weet hoe een televisie of videorecorder feitelijk werkt is geen belemmering voor het succesvol gebruik ervan. Kennis over de afstandbediening is genoeg. Bij een computer is het besturingssysteem echter een cruciaal onderdeel van het dagelijks gebruik en het eraan verbonden jargon waarvan de insiders zich bedienen stoot menigeen af. Een paradox is dat daarnaast steeds meer mensen met diezelfde termen vertrouwd raken. Woorden als e-mail, internet en multimedia zijn door overvloedig gebruik algemeen bekend geworden, maar tevens uitgehold en tot vervelens toe herhaald. Het eindeffect is hetzelfde: afkeer.Dat de gemiddelde westerling nog niets van het hele nieuwe-media-gebeuren begrijpt is niet eens zo vreemd als je weet dat de mensen die de nieuwe media uitdragen hun jonge werkgebied ook nog lang niet onder de knie hebben. De tijd die nodig is voor het effectief leren omgaan met de toepassingen en mogelijkheden van nieuwe media wordt niemand gegund omdat de volgende versie, toepassing, of uitbreiding van het materiaal al voor de deur staat. De snelheid van inventie staat de effectieve toepassing van die inventies in de weg.Naast dit alles kleven er aan het concept van interactiviteit ook de nodige vragen. Vanwege de afkeer van het regisseursgeleide verhalenvertellen stort iedereen zich nu op de interactiviteit. Blijkbaar verkeert men in de veronderstelling dat dit het enige alternatief is, of is men niet in staat een andere vorm te bedenken. Leidt de heiligverklaring van interactiviteit er niet toe dat dat het gedoemd is net zo’n pragmatisch model te worden als de huidige regisseurs-geleide benadering? En is interactief wel interactief genoeg? De keuzemogelijkheden van een interactieve film of cd-rom zullen nog steeds bepaald worden door een regisseur danwel programmeur. Is de werkelijke praktische uitvoering van het democratische idee achter interactiviteit niet dat iedereen zijn eigen film moet gaan maken? In dat geval heeft de voormalige kijker pas echt de volledige keuzevrijheid. Interactiviteit is hiervan slechts de luie versie. Een revolutie van amateurfilmers heeft ook de kracht om de filmindustrie te veranderen. Francis Ford Coppola uitte dit idee tien jaar geleden al in de documentaire Hearts Of Darkness: “To me the great hope is that now that these little 8 millimeter videorecorders and stuff come out, people who normally don’t make movies are making them. Suddenly one day some little fat girl in Ohio is going to be the new Mozart and make a beautiful film with her father’s little camcorder and for once this so-called professionalism about movies is going to be destroyed. Then it’ll really be an art form”.
Search
Categories
- identity (1)
- Interessant (62)
- Conceptueel (17)
- Conceptueel (0)
- Films (6)
- Films (1)
- Techniek (11)
- Techniek (2)
- Mededelingen (103)
- openbare ruimte (2)
- Privacy (3)
- Uncategorized (7)
- Vakken 2006/2007 (58)
- Choreografie (8)
- Flash (7)
- Game Project (8)
- Mondo Veneziano (27)
- Theorie (8)
- Werk (11)
Authors
- Adriaan Beukema (2)
- Ar (5)
- Arjan Scherpenisse (54)
- bas strunk (1)
- Eva Navarro MartÃnez (4)
- eva blond (7)
- Jan Robert Leegte (1)
- Jeroen Windhorst (1)
- Judith Lengkeek (2)
- Mi E (46)
- nathalie (3)
- Arthur van Beek (3)
- Renata Banasova (5)
- Sieto Noordhoorn (12)
- Eelco Wagenaar (33)
- Willem van Weelden (1)
0 Responses to “interactieve film”